Trends in Security Information
The HSD Trendmonitor is designed to provide access to relevant content on various subjects in the safety and security domain, to identify relevant developments and to connect knowledge and organisations. The safety and security domain encompasses a vast number of subjects. Four relevant taxonomies (type of threat or opportunity, victim, source of threat and domain of application) have been constructed in order to visualize all of these subjects. The taxonomies and related category descriptions have been carefully composed according to other taxonomies, European and international standards and our own expertise.
In order to identify safety and security related trends, relevant reports and HSD news articles are continuously scanned, analysed and classified by hand according to the four taxonomies. This results in a wide array of observations, which we call ‘Trend Snippets’. Multiple Trend Snippets combined can provide insights into safety and security trends. The size of the circles shows the relative weight of the topic, the filters can be used to further select the most relevant content for you. If you have an addition, question or remark, drop us a line at info@securitydelta.nl.
visible on larger screens only
Please expand your browser window.
Or enjoy this interactive application on your desktop or laptop.
Corporate strategy and culture influences the cyber resilience of companies in transport sector
Bedrijven in de logistieke sector lopen een niet gering risico om slachtoffer te worden van cybercriminaliteit door de aard van hun bedrijfsactiviteiten, de producten en diensten die ze vervoeren voor derden en/of de mogelijke buit die er bij hun te halen is. Een groot deel van de ondernemers in de logistieke sector is zich onvoldoende bewust van de kans op slachtofferschap van cybercriminaliteit en de mogelijke impact daarvan op hun bedrijfsvoering. In sommige gevallen leidt een cyberaanval zelfs het einde van een onderneming in. Doordat de kans op slachtofferschap van cybercriminaliteit en de mogelijke impact van een cyberaanval wordt onderschat door met name kleinere bedrijven worden er door hun niet altijd de benodigde (beleidsmatige en organisatorische) maatregelen genomen om de cyberweerbaarheid te bevorderen. De grotere bedrijven schatten de dreiging van cybercriminaliteit over het algemeen hogere in dan kleinere bedrijven en zien cyber security (beleid) vaak ook als een essentieel onderdeel van hun bedrijfsvoering. Met name grotere
bedrijven stellen ook steeds vaker eisen op het terrein van cyber security aan de bedrijven met wie zij (digitaal) samenwerken en informatie delen. Zij zijn zich ervan bewust dat de cyberweerbaarheid niet alleen afhankelijk is van de inspanningen van hun eigen organisatie, maar ook (in toenemende mate) van die van hun samenwerkingspartners. In dit geval vraagt een bedrijf bijvoorbeeld inzage in het cyber security beleid van haar samenwerkingspartners met bijbehorende certificeringen (zoals ISO 27001) of wordt er een verwerkingsovereenkomst opgesteld voor de onderlinge uitwisseling van informatie.
Cyber security is bij grotere bedrijven veelal belegd bij een Chief Information Security Officer die (mede afhankelijk van de grootte van de organisatie en de aard van de werkzaamheden) al dan niet wordt bijgestaan door een CISO office. Het CISO office heeft veel kennis en expertise op het terrein van cyber security doorgaans zelf in huis. Daar waar nodig wordt specifieke gespecialiseerde kennis en expertise van buiten naar binnen gehaald. Hiervoor wordt samengewerkt met (een consortium
van) cyber security bedrijven die wanneer gewenst specifieke gespecialiseerde kennis en expertise inbrengen. Bepaalde type specialismen zijn dermate kostbaar dat de betreffende experts niet vast in dienst kunnen worden genomen. Bij kleinere bedrijven is cyber security veelal de verantwoordelijkheid van een directeur, manager en/of systeembeheerder die dit naast hun andere reguliere werkzaamheden invulling (proberen te) geven.
Een aanzienlijk deel van de bedrijven in de logistieke sector heeft hun IT hardware volledig buitenshuis geplaatst bij een externe organisatie. Veel kleinere bedrijven kiezen er al dan niet noodgedwongen voor om hun ICT te outsourcen. Bedrijven kunnen zich hierdoor richten op hun primaire bedrijfsvoering en hebben geen directe bemoeienis meer met het onderhoud en beheer van ICT. Dit betekent dat ze niet alleen voor hun ICT maar ook voor de cyber security (voor een deel) afhankelijk zijn van een externe organisatie. In sommige gevallen zijn er in dit geval ook geen concrete afspraken gemaakt over cyber security (waaronder monitoring, detectie, incident response, recovery). Dit komt bijvoorbeeld doordat de ondernemer er vanuit gaat dat dit met het outsourcen van de ICT geregeld is zonder dat cyber security expliciet met de externe organisatie is besproken. Daarnaast krijgt cyber security, doordat de ICT bij een externe organisatie is belegd, niet altijd de aandacht die het verdient in een bedrijf omdat dit door het extern uitbesteden uit het gezichtsveld is
verdwenen en hierdoor minder gesprek van onderwerp is in de organisatie.
Grotere bedrijven geven over het algemeen aan dat cyber security hoge prioriteit heeft binnen de organisatie. Daarnaast zijn zij van oordeel dat de kosten van cyber security opwegen tegen de baten en dat hun bedrijf goed is beveiligd tegen kwaadwillenden door de (beleidsmatige en organisatorische) maatregelen die zijn getroffen. Daar staat tegenover dat zij door de omvang van hun organisatie en de aard van hun werkzaamheden eerder een gericht doelbewust target kunnen
vormen van kwaadwillenden, wat vraagt om betere bescherming.
Grotere bedrijven hebben doorgaans de beschikking over meer kennis, expertise, capaciteit en middelen voor cyber security. Hierdoor zijn zij over het algemeen, betere dan kleinere bedrijven, in staat om externe cyber security dreigingen buiten de deur te houden. Daar staat tegenover dat interne dreigingen (ook bij grotere bedrijven) soms worden verwaarloosd. Er wordt regelmatig door een afdeling of zelfs door een geheel bedrijf gebruik gemaakt van één en hetzelfde algemeen account en bijbehorend wachtwoord om toegang te krijgen tot een systeem. Op deze manier kunnen (te) veel (voormalig) medewerkers toegang krijgen tot gevoelige informatie, terwijl een deel van hen deze niet (meer) nodig heeft voor de uitvoering van hun werkzaamheden. Ook pincodes om ondermeer goederen af te halen zijn regelmatig zwak en/of worden (te) gemakkelijk met (te) veel andere partijen gedeeld via verschillende soms onveilige communicatiekanalen (zoals email). Hierdoor is de kans aanwezig dat pincodes in de verkeerde handen vallen, waardoor bijvoorbeeld een lading kan worden ontvreemd door een kwaadwillende.
Ruim de helft van de bedrijven beschikt over een crisisplan dat in werking kan treden wanneer er zich een cyber security incident voordoet. Een derde van de bedrijven heeft (nog) geen crisisplan voor een cyberaanval. Het overgrote deel van deze bedrijven is wel voornemens om op termijn een crisisplan op te stellen waardoor zij in staat worden gesteld om adequaat te reageren op een (dreigend) cyber security incident. Punt van aandacht is dat een deel van de bedrijven die over een crisisplan beschikken deze (nog) niet in de praktijk hebben getest. Bij een deel van de bedrijven zijn de medewerkers ook niet bekend met het crisisplan. Door te gaan oefenen met het crisisplan kan een bedrijf zich voorbereiden op een cyber security incident waarmee ze in de toekomst (mogelijk) te maken (kunnen) krijgen en wordt er bovendien voor gezorgd dat medewerkers hiermee bekend zijn/raken.